Hallux valgus

Hallux is de Latijnse term voor grote teen en met valgus bedoelt men dat de grote teen steeds meer afwijkt van de rechte as in de richting van de kleine teen. Hierdoor ontstaat steeds meer een beenderige knobbel aan de binnenzijde van de voet (bunion)

De klachten zijn van persoon tot persoon zeer wisselend, maar verlopen toch meestal in grote fases.
In de beginfase kan de knobbelvorming, zelfs bij een kleine afwijking, zeer veel ongemak in de schoenen teweegbrengen.
Naarmate de afwijking toeneemt, wijken de pezen steeds meer van hun traject af en gaan ze volgens het ‘boogprincipe’ de teen steeds meer doen afwijken.
Hierdoor wordt de kracht bij het afduwen steeds meer verschoven naar de buitenzijde van de voorvoet met pijn tot gevolg. In een nog verder stadium gaat de grote teen zich onder de tweede teen positioneren en ontwikkelt zich thv. deze tweede teen een hamerteenmisvorming.

Behandeling

In principe worden alleen die hallux valgussen behandeld die last veroorzaken. Het operatief behandelen van een hallux valgus, louter om schoonheidsredenen, raden we zeker niet aan. In eerste instantie kunnen niet operatieve behandelingen worden uitgeprobeerd : dragen van bredere schoenen, steunzolen om een probleem van pijn aan de rest van de voorvoet en eventueel een doorzakken van de achtervoet te verhelpen. Een juveniele hallux valgus, dit betekent een situatie waarbij de groei nog niet is beëindigd, kunnen nachtspalken een oplossing bieden.
Bij podologen kan u kleine correctiespalkjes laten maken.

Indien deze niet operatieve behandeling evenwel geen soelaas bieden, is een operatieve ingreep een optie. De bedoeling van dergelijke ingreep is niet alleen de afwijking te corrigeren, maar ook de vroegere gezonde anatomie van de voet zo veel als mogelijk te herstellen, dit betekent dat afhankelijk van de situatie, er een keuze dient te worden gemaakt uit verschillende technieken.
Grosso modo kan men stellen dat bij lichte of mildere afwijkingen, er beenderige correcties aan de voorvoet worden uitgevoerd, zoals de Chevron- of de scarfosteotomie, al of niet in combinatie met een beperkte correctie van de teen zelf. (Akin)
Dergelijke operaties zijn meestal heel stabiel en na enkele dagen kan met een speciale postoperatieve schoen reeds steun worden toegestaan gedurende een vijftal weken. Indien de afwijking meer uitgesproken is, moet soms een correctie worden uitgevoerd in de middenvoet. Het gevolg is dat hiervoor meestal een zestal weken gipsimmobilisatie nodig is, over het algemeen met een steunverbod gedurende de eerste vier weken.

In het geval de afwijking zeer uitgesproken en zeer stijf is geworden over verloop van de jaren en/of indien het gewricht van de grote teen ernstige tekenen van slijtage vertoont, kan worden gekozen voor een vastzetten van het gewricht in een goede en gecorrigeerde stand. Enkel in het geval van zeer minimale afwijkingen kan een minimaal invasieve of percutane chirurgie worden overwogen.


Hoe verloopt dergelijke operatie?
Al de bovenbeschreven ingrepen kunnen in principe worden uitgevoerd in daghospitaaal.
Daags nadien moet meestal wel een verbandwissel worden uitgevoerd. Afhankelijk van het type ingreep kan dit ofwel bij de chirurg ofwel bij de huisarts ofwel bij een thuisverpleegkundige gebeuren. In tegenstelling tot wat in de volksmond wordt beweerd dat dit type van ingrepen zeer pijnlijk zijn, blijkt dit in de hedendaagse realiteit niet te kloppen. De nieuwe technieken waarbij de anatomie van de voet wordt hersteld, zorgen ervoor dat de voet naderhand weinig pijnlijk is.

Het opzwellen van de voorvoet is in de meeste gevallen meestal wel een constant gegeven. Het is daarom belangrijk om de eerste weken zo veel als mogelijk de voet te laten rusten in hoogstand. Zolang er geen volledige steunname mogelijk is of toegelaten is, wordt een medicijn of inspuiting tegen flebitis voorgeschreven.
Meestal volstaat klassieke pijnstilling (Paracetamol) in de eerste week na de operatie.

Terug naar boven Terug naar boven